ECLI:NL:GHSGR:2011:BU5041
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- J. Kramer
- J.C.N.B. Kaal
- A.G.M. Zander
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep in schadestaatprocedure over beslag en grondruil
Partijen zijn in 1997/1998 een ruilovereenkomst aangegaan betreffende percelen grasland met als doel uitbreiding van het sierteeltbedrijf van [VOF X]. Een ontbindende voorwaarde was de wijziging van de bestemming van het land. Na een geschil over de ontbindende voorwaarde legde [geïntimeerde] conservatoir beslag op een perceel van [VOF X].
De rechtbank veroordeelde [geïntimeerde] tot schadevergoeding, maar het hof vernietigt dit vonnis. Het hof oordeelt dat [VOF X] onvoldoende heeft aangetoond dat het beslag de beoogde driehoeksruil met DLG/Stibos in 2000 of 2001 daadwerkelijk heeft gefrustreerd en dat de uitbreiding van het bedrijf daardoor is belemmerd. De verwerving van gronden in Randenburg vond pas in 2007 plaats, na opheffing van het beslag.
Verder oordeelt het hof dat [VOF X] gerechtigd was om de werkzaamheden uit te voeren die de rechtbank had bevolen, ook voordat de notariële akte was verleden. De kosten die [geïntimeerde] stelt te moeten maken om zijn grond te herstellen, komen voor zijn rekening. Het hof vermindert de schadevergoeding van €55.583,75 naar €23.808,75 en veroordeelt [geïntimeerde] tot betaling hiervan met rente. Proceskosten worden aan [VOF X] opgelegd.
Uitkomst: Het hof vermindert de schadevergoeding en veroordeelt [geïntimeerde] tot betaling van € 23.808,75 met rente aan [VOF X].