ECLI:NL:GHSGR:2011:BU7235
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Mink
- Van den Wildenberg
- Van Dijk
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake ongeoorloofde overbrenging en terugkeer van minderjarigen naar Spanje
In deze zaak staat de vraag centraal of de vader de minderjarigen ongeoorloofd naar Nederland heeft overgebracht nadat de moeder in eerste aanleg toestemming tot verhuizing naar Spanje had gekregen. Het hof bevestigt dat de gewone verblijfplaats van de minderjarigen Spanje is, gelet op het feitelijke verblijf, sociale en familiale banden en de rechtmatigheid van de verhuizing.
De vader betwistte dit en stelde dat Nederland de gewone verblijfplaats bleef, onder meer vanwege frequente verblijven in Nederland en het ontbreken van duurzame vestiging in Spanje. Het hof oordeelt echter dat de rechtbank terecht heeft geoordeeld dat de gewone verblijfplaats met de verhuizing naar Spanje is verplaatst en dat de vader onvoldoende heeft aangetoond dat de moeder toestemming gaf voor de terugkeer of daarin berustte.
De vader voerde ook aan dat terugkeer de minderjarigen in een ondragelijke toestand zou brengen, onder meer door vermeende strafrechtelijke vervolging in Spanje, maar het hof vond geen aanwijzingen voor een ernstig risico op lichamelijk of geestelijk gevaar. Ook het beroep op mensenrechten en het recht op gezinsleven werd verworpen.
Het hof vernietigt de bestreden beschikking voor zover daarin de terugkeer was gelast uiterlijk op 28 december 2011 en bepaalt dat de terugkeer uiterlijk tussen 11 en 14 december 2011 moet plaatsvinden. Tevens veroordeelt het hof de vader tot betaling van de door de moeder gemaakte reiskosten van € 648,59 en draagt iedere partij haar eigen overige kosten.
Uitkomst: Het hof beveelt de onmiddellijke terugkeer van de minderjarigen naar Spanje uiterlijk tussen 11 en 14 december 2011 en veroordeelt de vader tot betaling van reiskosten aan de moeder.