ECLI:NL:GHSGR:2011:BU9150
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- B. van Walderveen
- J.J.J. Engel
- O.C.R. Marres
- Rechtspraak.nl
Bevestiging naheffingsaanslag parkeerbelasting wegens onzichtbare parkeervergunning
Belanghebbende parkeerde op een locatie waar betaald parkeren geldt en beschikte over parkeervergunningen voor het tweede en derde kwartaal van 2010. Tijdens controle bleek alleen de vergunning voor het tweede kwartaal zichtbaar achter de voorruit, terwijl deze niet meer geldig was. De vergunning voor het derde kwartaal was wel aanwezig, maar niet zichtbaar en leesbaar.
De Inspecteur legde een naheffingsaanslag op wegens het ontbreken van een geldige en zichtbare vergunning. Belanghebbende maakte bezwaar en stelde dat hij al jaren parkeervergunningen bezit en dat met moderne technieken kan worden vastgesteld dat hij betaald had, waardoor dubbele betaling zou ontstaan. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en oordeelde dat de zichtbaarheid van de vergunning een essentiële voorwaarde is.
Het hof bevestigde dit oordeel en wees op het arrest van de Hoge Raad van 1997, waarin is bepaald dat parkeren alleen als vergunninghoudend geldt indien aan alle voorwaarden wordt voldaan. Het niet zichtbaar plaatsen van de vergunning betekent dat niet rechtsgeldig betaald is. Het beroep van belanghebbende werd afgewezen en de naheffingsaanslag bevestigd.
Uitkomst: De naheffingsaanslag parkeerbelasting wordt bevestigd omdat de parkeervergunning niet duidelijk zichtbaar en leesbaar was geplaatst.