ECLI:NL:GHSGR:2011:BV1476
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- B. van Walderveen
- J.T. Sanders
- J.J.J. Engel
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake aftrek levensonderhoud kinderen en heffingskortingen inkomstenbelasting 2003
Belanghebbende had voor het jaar 2003 een aanslag inkomstenbelasting opgelegd gekregen met een belastbaar inkomen uit werk en woning van €31.585. Bij eerdere procedures werd het beroep van belanghebbende ongegrond verklaard, waarbij aftrekposten zoals alimentatie en levensonderhoud kinderen werden afgewezen. Na cassatie door de Hoge Raad werd de zaak verwezen naar het Gerechtshof 's-Gravenhage voor volledige herbeoordeling.
Het geschil betrof de aftrek van uitgaven voor levensonderhoud van kinderen, alimentatie aan de ex-echtgenoot, uitgaven wegens ziekte en overlijden van belanghebbendes broer, en de toekenning van diverse kinderkortingen. Het Hof oordeelde dat belanghebbende geen recht had op aftrek van alimentatie, noch op aftrek van uitgaven wegens ziekte en overlijden van zijn broer, omdat deze niet binnen de wettelijke kring van buitengewone uitgaven vielen. De aanspraak op kinderkortingen werd eveneens terecht geweigerd vanwege onvoldoende inschrijving van de kinderen op hetzelfde adres.
Wel achtte het Hof het aannemelijk dat belanghebbende in de laatste drie kwartalen van 2003 in belangrijke mate zorg droeg voor zijn kinderen en de kosten van levensonderhoud voor hen heeft gedragen. Daarom werd een aftrek van €1.785 voor levensonderhoud van kinderen toegestaan, verminderd met een interne compensatie van €1.361 wegens te hoog toegestane aftrekposten elders. De aanslag werd verminderd tot een belastbaar inkomen van €31.164. Daarnaast werd de Inspecteur veroordeeld in de proceskosten en werd belanghebbende griffierecht vergoed.
De uitspraak werd op 21 december 2011 in het openbaar uitgesproken door het Gerechtshof 's-Gravenhage, waarbij ook werd vastgesteld dat beide partijen binnen zes weken cassatie kunnen instellen bij de Hoge Raad.
Uitkomst: De aanslag inkomstenbelasting 2003 wordt verminderd door gedeeltelijke aftrek levensonderhoud kinderen toe te kennen en heffingskortingen terecht te weigeren.