ECLI:NL:GHSGR:2011:BW4183
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- L.F. Gerretsen-Visser
- W.P.C.M. Bruinsma
- I.P.A. van Engelen
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte wegens ontbreken opzet bij drugssmokkel van cocaïne in machines
De verdachte werd verdacht van het opzettelijk invoeren en vervoeren van circa 81 kilogram cocaïne verborgen in machines, samen met anderen, in de periode van maart tot april 2008.
De verdediging stelde dat het openbaar ministerie niet-ontvankelijk moest worden verklaard vanwege onrechtmatigheden zoals onvolledig dossier, onrechtmatige observaties en het ontbreken van bewijs, en dat het gelijkheidsbeginsel werd geschonden door het niet vervolgen van andere betrokkenen. Het hof oordeelde dat het openbaar ministerie marginaal getoetst kan worden op deze punten en verwierp de stellingen over niet-ontvankelijkheid.
Het hof beoordeelde ook de inzet van een audiomodule zonder rechterlijke machtiging en concludeerde dat dit niet leidde tot onrechtmatigheid omdat geen vertrouwelijke communicatie werd opgevangen. Verder was sprake van stelselmatige observatie gericht op een medeverdachte, waarbij observaties van de verdachte en anderen in gezelschap daarvan rechtmatig waren. Diverse onderzoeksverzuimen werden niet als zodanig aangemerkt dat zij het proces oneerlijk maakten.
Uiteindelijk kon niet bewezen worden dat de verdachte wist of moest vermoeden dat hij betrokken was bij de invoer van cocaïne. Daarom sprak het hof de verdachte vrij van alle ten laste gelegde feiten.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens ontbreken van opzet bij het vervoeren van cocaïne.