ECLI:NL:GHSGR:2012:BW1046
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- G.J.W. van Oven
- C.G.M. van Rijnberk
- Chr.A. Baardman
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens ontbreken opzet bij bezit kinderpornografisch materiaal
De verdachte werd beschuldigd van het bezit van ongeveer 48 kinderpornografische afbeeldingen en/of gegevensdragers in de periode van januari tot juli 2009. De afbeeldingen betroffen seksuele gedragingen van minderjarige personen, zoals beschreven in de tenlastelegging.
In eerste aanleg werd de verdachte vrijgesproken. Het Openbaar Ministerie stelde hoger beroep in en vorderde een voorwaardelijke gevangenisstraf met taakstraf. Het hof onderzocht het bewijs, waarbij werd vastgesteld dat de kinderpornografische bestanden waren aangetroffen in de unallocated clusters van de computer van de verdachte, wat betekent dat deze bestanden gewist waren en alleen met speciale software toegankelijk zijn.
De verdachte verklaarde uit nieuwsgierigheid via een peer-to-peerprogramma te hebben gezocht naar kinderporno en het materiaal direct te hebben verwijderd. Het hof vond dat niet wettig en overtuigend was bewezen dat de verdachte opzet had op het bezit van de bestanden of dat hij beschikkingsmacht over de bestanden had voordat deze werden verwijderd. Ook het herinstalleren van het besturingssysteem kort voor inbeslagname bood geen aanwijzing voor opzet.
Daarom vernietigde het hof het vonnis van de rechtbank en sprak de verdachte vrij van het ten laste gelegde bezit van kinderpornografisch materiaal.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens ontbreken van bewijs voor opzet en beschikkingsmacht over kinderpornografisch materiaal.