ECLI:NL:GHSGR:2012:BW7053
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- A.E. Mos-Verstraten
- I.M. Davids
- C.M. Pannekoek-Dubois
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep wrakingsbeslissing rechter-commissaris
De man heeft bij de rechtbank Rotterdam een verzoek tot wraking van de rechter-commissaris ingediend, dat op 1 februari 2012 werd afgewezen. Tegen deze beslissing stelde hij hoger beroep in bij het gerechtshof 's-Gravenhage. Het hof wees het beroep af wegens niet-ontvankelijkheid, omdat artikel 39 lid 5 Rv Pro het hoger beroep tegen wrakingsbeslissingen in beginsel uitsluit.
De man voerde aan dat de wrakingskamer essentiële vormen niet in acht had genomen, waardoor geen eerlijke en onpartijdige behandeling kon worden gegarandeerd. Hij stelde onder meer dat de motivering van de wrakingskamer ondermaats was, dat de rechter-commissaris onvoldoende waakte over de belangen van schuldenaren in de WSNP en dat de onpartijdigheid van de rechter-commissaris in het geding was door het niet corrigeren van de bewindvoerder.
Het hof oordeelde dat de motivering van de wrakingskamer voldoende was en dat de aanvullende klachten niet als wrakingsgrond konden worden aangemerkt of niet waren ingebracht in de wrakingsprocedure. De klacht over de behandeling van de klacht door de rechter-commissaris was door de wrakingskamer wel degelijk besproken. Daarom was geen sprake van verzuim van essentiële vormen en werd het hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard.
Het hof bepaalde dat een afschrift van de beslissing aan de man, de rechter-commissaris en de bewindvoerder zou worden toegezonden.
Uitkomst: Het hoger beroep van de man tegen de wrakingsbeslissing is niet-ontvankelijk verklaard.