ECLI:NL:GHSGR:2012:BX0457
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Van Dijk
- Van Kempen
- Otter
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep kinderalimentatie en draagkrachtberekening na echtscheiding
In deze zaak is het hoger beroep behandeld tegen een beschikking van de rechtbank Rotterdam inzake de vaststelling van kinderalimentatie na echtscheiding. De vrouw vordert dat de man de alimentatie betaalt conform het ouderschapsplan, terwijl het hof oordeelt dat het niet gebonden is aan deze overeenkomst en zelfstandig het alimentatiebedrag moet bepalen.
Het hof stelde vast dat de behoefte van de minderjarige bestaat uit een basisbedrag plus netto kosten van kinderopvang en buitenschoolse opvang, waarbij de vrouw aannemelijk maakte dat de opvang noodzakelijk is vanwege haar werkverdeling over vijf dagen. De netto kosten werden berekend rekening houdend met kinderopvangtoeslag en de verschillende opvangperiodes.
De draagkracht van de man werd vastgesteld op basis van zijn jaarinkomen en relevante lasten, evenals die van de vrouw, waarbij ook hypotheeklasten en fiscale kortingen werden meegenomen. Het hof concludeerde dat de man voldoende draagkracht heeft om de vastgestelde kinderalimentatie te betalen.
Het hof vernietigde de bestreden beschikking en stelde de kinderalimentatie vast op de door hem berekende bedragen voor de verschillende perioden, waarbij het verzoek van de vrouw om het ouderschapsplan als bindend te beschouwen werd afgewezen. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Het hof stelt de kinderalimentatie vast op basis van wettelijke maatstaven en berekent de draagkracht van partijen, waarbij het ouderschapsplan niet bindend is.