ECLI:NL:GHSGR:2012:BX1217
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep kort geding
- Lückers
- Van Dijk
- Mink
- Rechtspraak.nl
Executiegeschil inzake teruggeleiding minderjarige op grond van HKOV
De moeder is in hoger beroep gekomen tegen het vonnis van de voorzieningenrechter die haar vordering tot het verbod op tenuitvoerlegging van een beschikking van het gerechtshof Leeuwarden heeft afgewezen. Deze beschikking betrof de teruggeleiding van haar minderjarige dochter naar de Verenigde Staten, op grond van het Verdrag betreffende de burgerrechtelijke aspecten van internationale ontvoering van kinderen (HKOV).
Het hof overweegt dat in executiegeschillen geen inhoudelijke bezwaren tegen de beschikking kunnen worden ingebracht, tenzij sprake is van misbruik van bevoegdheid zoals bedoeld in artikel 3:13 BW Pro. De moeder stelde dat de beschikking op een juridische misslag berustte en dat een belangenafweging onvoldoende was gemaakt. Het hof verwierp deze grieven en bevestigde dat de belangenafweging binnen de context van het HKOV correct was uitgevoerd.
Ook het argument dat een cassatieberoep schorsende werking zou moeten hebben op de tenuitvoerlegging, werd afgewezen. Het hof benadrukte dat het HKOV juist snelle terugkeer beoogt en dat het ontbreken van schorsende werking niet strijdig is met artikel 6 EVRM Pro.
Het hof bekrachtigde het bestreden vonnis, veroordeelde de moeder in de proceskosten en verklaarde de proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en wijst het verbod op tenuitvoerlegging af, met veroordeling van de moeder in de proceskosten.