ECLI:NL:GHSGR:2012:BX1497
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- De Haan-Boerdijk
- Van den Wildenberg
- Jansen
- Rechtspraak.nl
Beëindiging gezamenlijk gezag en zorgregeling minderjarigen na echtscheiding
In deze zaak staat het gezag over twee minderjarigen en de verdeling van zorg- en opvoedingstaken centraal na de echtscheiding van de ouders. De vader is in hoger beroep gekomen tegen een beschikking van de rechtbank die het gezamenlijk gezag handhaafde en een zorgregeling vaststelde waarbij de kinderen hun hoofdverblijfplaats bij de vader hebben en contact met de moeder volgens een weekendregeling.
De vader verzoekt het hof om hem het eenhoofdig gezag toe te kennen en de zorgregeling te beperken tot één dag per veertien dagen bij de moeder, vanwege een verstoorde communicatie en het niet naleven van de zorgregeling door de moeder. De moeder betwist dit en stelt dat het belang van de kinderen is gediend met het handhaven van het gezamenlijk gezag en de bestaande zorgregeling.
Het hof overweegt dat gezamenlijk gezag alleen kan worden beëindigd bij onaanvaardbare risico's voor het kind of andere noodzakelijke belangen. Hoewel de communicatie tussen de ouders gebrekkig is, is onvoldoende gebleken dat dit het gezag belemmert. De moeder toont bereidheid tot medewerking aan hulpverlening en verbetering van de situatie. Het hof acht eenhoofdig gezag thans prematuur.
Met betrekking tot de zorgregeling stelt het hof vast dat contact met beide ouders in het belang van de kinderen is, maar dat dit zorgvuldig moet worden opgebouwd. Het hof vernietigt het deel van de beschikking over de zorgregeling en bepaalt een opbouwregeling onder begeleiding van Jeugdzorg, met als doel terugkeer naar een weekendregeling en gedeelde vakanties. Het verzoek van de vader tot proceskostenveroordeling van de moeder wordt afgewezen.
Uitkomst: Het hof handhaaft het gezamenlijk gezag en stelt een opbouwende zorgregeling vast, waarbij het verzoek tot eenhoofdig gezag wordt afgewezen.