ECLI:NL:GHSGR:2012:BX3884
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs aanwerving vrouwen voor prostitutie in Nederland
In deze strafzaak stond verdachte terecht voor het aanwerven en/of medenemen van vier vrouwen uit Tsjechië en andere landen met het oogmerk hen in Nederland als prostituees te laten werken. De vrouwen hadden aangifte gedaan, maar verklaringen waren tegenstrijdig en deels teruggenomen.
De advocaat-generaal vorderde een gevangenisstraf, stellende dat het oogmerk van verdachte was om de vrouwen in Nederland beschikbaar te stellen voor seksuele handelingen tegen betaling. De verdediging stelde dat verdachte slechts hulp en steun bood bij het uitvoeren van prostitutiewerkzaamheden en niet het oogmerk had om vrouwen uit kwetsbare landen naar Nederland te halen voor prostitutie.
Het hof oordeelde dat de verklaringen van de vrouwen onbetrouwbaar waren en dat het dossier onvoldoende wettig en overtuigend bewijs bevatte dat verdachte het vereiste oogmerk had. Het feit dat de vrouwen al in Tsjechië besloten hadden in de prostitutie te gaan werken, maakte dat het handelen van verdachte niet strafbaar was volgens artikel 273f Sr.
Daarom vernietigde het hof het vonnis van de rechtbank en sprak verdachte vrij van het ten laste gelegde.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs dat zij vrouwen met het oogmerk tot prostitutie in Nederland heeft aangeworven.