ECLI:NL:GHSGR:2012:BX6842
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- I.P.A. van Engelen
- M. Moussault
- P.H. Holthuis
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor het voorhanden hebben van een vuurwapen en munitie
De verdachte werd in hoger beroep veroordeeld voor het voorhanden hebben van een Beretta pistool en bijbehorende munitie, aangetroffen onder de passagiersstoel van een auto waarin hij had gezeten. De verdediging voerde meerdere verweren aan, waaronder schending van het fair trial-beginsel, onrechtmatigheid van de aanhouding en inbeslagneming van de auto, en twijfel over het DNA-bewijs.
Het hof oordeelde dat de aanhouding en inverzekeringstelling rechtmatig waren, ondanks een vormverzuim in het aanhoudingsproces-verbaal. De inzet van een politiehond werd als proportioneel beoordeeld gezien de verdenking van betrokkenheid bij een schietpartij en hevige verzet van de verdachte. Het DNA-bewijs van het NFI toonde overtuigend aan dat het DNA van de verdachte op het vuurwapen aanwezig was, wat het hof als wettig en overtuigend bewijs beschouwde.
Het hof verwierp de stelling dat het DNA toevallig op het wapen was gekomen en achtte de hypothese van de verdediging hoogst onaannemelijk. Ook werd geen sprake geacht van schending van het fair trial-beginsel of onrechtmatigheden die tot niet-ontvankelijkheid van het openbaar ministerie leidden. De straf werd vastgesteld op 22 weken gevangenisstraf, met aftrek van voorarrest, waarbij rekening werd gehouden met een overschrijding van de redelijke termijn.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 22 weken gevangenisstraf voor het voorhanden hebben van een vuurwapen en munitie.