ECLI:NL:GHSGR:2012:BX7561
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Kamminga
- Van Dijk
- Burgers-Thomassen
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake kinderalimentatie en draagkracht vader met verlieslijdende onderneming
De vader is in hoger beroep gekomen tegen een beschikking van de rechtbank Rotterdam waarin was bepaald dat hij aan de moeder een kinderalimentatie van €250 per maand per kind moest betalen. De moeder ontving een bijstandsuitkering en stelde dat zij geen draagkracht had. De vader betwistte de behoefte en draagkracht van de moeder en voerde aan dat zijn eigen onderneming verlieslijdend was, waardoor hij geen draagkracht had.
Het hof heeft de feiten vastgesteld aan de hand van de jaarstukken van de onderneming over 2009, 2010 en 2011 en een tussentijds rapport over het eerste kwartaal van 2012. Hieruit bleek dat de onderneming vrijwel geen inkomen genereerde en zelfs verlies leed. De door de vader ontvangen gelden van zijn huisgenoot werden als leningen beschouwd, waardoor deze niet meetelden voor zijn draagkracht.
Het hof oordeelde dat de vader geen draagkracht had om kinderalimentatie te betalen, waardoor de behoefte van de minderjarigen buiten beschouwing kon blijven. Ook het standpunt dat de moeder zelf een bijdrage zou kunnen leveren werd niet verder besproken. Het hof vernietigde daarom de bestreden beschikking en wees het verzoek tot vaststelling van kinderalimentatie af.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek tot kinderalimentatie af wegens het ontbreken van draagkracht bij de vader.