ECLI:NL:GHSGR:2012:BX9961
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid openbaar ministerie wegens verjaring diefstalzaak
In deze strafzaak is de verdachte primair beschuldigd van meervoudige diefstal van kledingstukken uit diverse winkelpanden in Nederland, gepleegd rond 24 februari 1996. In eerste aanleg werd de verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van drie maanden met aftrek van voorarrest. Namens de verdachte werd hoger beroep ingesteld op 26 april 2012, nadat de uitspraak in eerste aanleg op 13 april 2012 aan de verdachte was betekend.
Het hof constateerde dat de laatste daad van vervolging door het openbaar ministerie dateert van 17 januari 1997. Gezien de toepasselijke verjaringstermijn van 12 jaar op grond van artikel 70 Wetboek Pro van Strafrecht, was de termijn op het moment van de betekening van het vonnis in eerste aanleg en het instellen van hoger beroep ruimschoots verstreken, namelijk met ruim twee jaar en acht maanden. Uit het dossier bleek bovendien niet dat de verjaringstermijn was gestuit door een vervolgingsdaad ex artikel 72 lid 1 Wetboek Pro van Strafrecht.
Daarom verklaarde het hof het openbaar ministerie niet-ontvankelijk in zijn vervolging. Het vonnis waarvan beroep werd vernietigd en de zaak werd opnieuw berecht met de constatering van niet-ontvankelijkheid van het openbaar ministerie. Dit arrest werd gewezen door een meervoudige kamer van het Gerechtshof 's-Gravenhage op 11 oktober 2012.
Uitkomst: Het openbaar ministerie is niet-ontvankelijk verklaard wegens verjaring van de vervolging.