ECLI:NL:GHSGR:2012:BY0101
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Van den Wildenberg
- Van Leuven
- Roelvink
- Rechtspraak.nl
Bevestiging machtiging uithuisplaatsing minderjarigen na doorplaatsing in pleeggezinnen
De vader is in hoger beroep gekomen tegen de beschikking van de kinderrechter die de machtiging tot uithuisplaatsing van zijn twee minderjarige kinderen handhaafde. De vader verzocht om beëindiging van de uithuisplaatsing en plaatsing van de kinderen bij hem thuis, mede vanwege de gescheiden overplaatsing naar twee verschillende pleeggezinnen, wat volgens hem in strijd zou zijn met internationale kinderrechten.
Jeugdzorg verweerde zich door te stellen dat de huidige plaatsingen perspectief bieden en dat de kinderen zich goed ontwikkelen. De abruptheid van de doorplaatsing was erkend, maar de continuïteit wordt hersteld en de pleeggezinnen wonen in dezelfde straat, waardoor contact tussen de kinderen mogelijk blijft. De vader heeft volgens Jeugdzorg onvoldoende betrokkenheid getoond en geen gebruik gemaakt van ondersteuningsmogelijkheden.
Het hof oordeelde dat de rechtbank terecht het verzoek van de vader had afgewezen. De belangen van de minderjarigen, waaronder hun veiligheid, ontwikkeling en noodzaak tot specifieke aandacht, wegen zwaarder dan het verzoek van de vader. De inbreuk op internationale kinderrechten wordt gerechtvaardigd door de bescherming van de minderjarigen. Het hof bekrachtigt de bestreden beschikking en wijst het verzoek van de vader af.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de machtiging tot uithuisplaatsing en wijst het verzoek tot beëindiging af.