ECLI:NL:GHSGR:2012:BY1867
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- D. Jalink
- S.A.J. van 't Hul
- R.C. Langeler
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor opzettelijke invoer van circa 600 gram cocaïne vanuit Suriname
De verdachte werd beschuldigd van het opzettelijk invoeren van circa 600 gram cocaïne vanuit Suriname naar Nederland in de periode van augustus 2004 tot februari 2005. Twee pakketten met cocaïne, verborgen in auto-onderdelen, werden onderschept op Schiphol. Verdachte ontkende betrokkenheid, maar telefoonnummers op de pakketten waren aan hem gekoppeld en in zijn woning werd een soortgelijk geopend auto-onderdeel aangetroffen.
De verdediging voerde onder meer aan dat de aanhouding onrechtmatig was en dat de verdachte onvoldoende rechtshulp had ontvangen bij zijn politieverhoor, waardoor verklaringen niet als bewijs mochten dienen. Het hof verwierp deze verweren, maar sloot de verklaringen van 22 februari 2005 uit wegens onvoldoende bewijs van tijdstip advocaatbezoek.
Het hof achtte bewezen dat verdachte samen met anderen cocaïne invoerde en veroordeelde hem tot 106 dagen gevangenisstraf, gelijk aan de tijd die hij in voorlopige hechtenis had doorgebracht. De overschrijding van de redelijke termijn leidde niet tot niet-ontvankelijkheid, maar tot strafvermindering. Verdachte werd vrijgesproken van een ander tenlastegelegd feit.
Het arrest werd gewezen door het hof te 's-Gravenhage op 17 oktober 2012.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 106 dagen gevangenisstraf met aftrek van voorarrest voor opzettelijke invoer van circa 600 gram cocaïne.