ECLI:NL:GHSGR:2012:BY3597
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- J.M. Th. van der Hoeven-Oud
- M.M. Olthof
- R. van der Vlist
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging vonnis inzake bewijs opzegging voorlopige cascoverzekering en verzekerd belang
In deze civiele procedure staat centraal of de V.O.F. Grizzly en haar vennoten (Grizzly c.s.) premies verschuldigd zijn aan Aon voor een cascoverzekering die zij in 2004-2005 hadden afgesloten. Grizzly c.s. betwist dat zij premies verschuldigd zijn over de periode september 2004 tot februari 2005, omdat zij stellen dat de voorlopige dekking telefonisch is opgezegd en dat er geen verzekerd belang was omdat het schip nog niet in hun eigendom was.
Het hof stelt vast dat de voorlopige dekking inderdaad tot stand is gekomen, maar dat Grizzly c.s. de opzegging daarvan onvoldoende hebben bewezen. De getuigenverklaringen over het telefoongesprek waarin de opzegging zou hebben plaatsgevonden, zijn onderling tegenstrijdig en onvoldoende betrouwbaar om de partijgetuigenverklaring van appellant sub 2 te ondersteunen.
Voorts oordeelt het hof dat het ontbreken van eigendom van het schip in de betreffende periode niet automatisch betekent dat er geen verzekerd belang bestond. Grizzly c.s. hebben niet aannemelijk gemaakt dat zij geen belang hadden, temeer daar appellant sub 2 als zetschipper op het schip voer en het schip uiteindelijk heeft gekocht.
De grieven van Grizzly c.s. falen derhalve en het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank Rotterdam van 3 februari 2010. Grizzly c.s. worden veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis dat Grizzly c.s. premies verschuldigd zijn omdat zij onvoldoende bewijs leverden voor opzegging en verzekerd belang.