ECLI:NL:GHSGR:2012:BY4761
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Mink
- Van Kempen
- Kamminga
- Rechtspraak.nl
Verdeling huwelijksgoederengemeenschap en waardering levensverzekering bij ontslagvergoeding
In deze zaak staat de verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap centraal, met name de waardering van een lijfrentepolis die de vrouw heeft afgesloten met een ontslagvergoeding van haar voormalige werkgever Shell.
De vrouw ontving in 1997 een schadeloosstelling vanwege het beëindigen van haar dienstverband. Zij gebruikte dit bedrag voor een lijfrenteverzekering bij AXA Leven, waaruit zij vanaf 2003 maandelijkse uitkeringen ontving. De rechtbank had de polis aan de vrouw toegedeeld en haar veroordeeld tot betaling aan de man wegens overbedeling.
Het hof oordeelt dat de ontslagvergoeding niet verknocht is aan inkomenssuppletie omdat de uitkeringen pas jaren na het ontslag zijn begonnen en er geen bewijs is dat de vergoeding bedoeld was als vervanging van inkomen. Tevens neemt het hof de berekening van de waarde van de polis per peildatum aan, rekening houdend met belasting en ZVW-premie inhoudingen, en stelt het bedrag dat de vrouw aan de man moet betalen vast op €26.747,81. Het hof vernietigt het bestreden vonnis voor dit bedrag, bekrachtigt het verder en compenseert de proceskosten.
Uitkomst: Het hof stelt het bedrag dat de vrouw aan de man moet betalen wegens overbedeling van de lijfrentepolis vast op €26.747,81 met wettelijke rente.