ECLI:NL:GHSGR:2012:BY5491
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- D. Jalink
- S.A.J. van 't Hul
- M.M. van der Nat
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs opzettelijk zwaar lichamelijk letsel door vuurwerk
Op 24 december 2011 raakte een persoon gewond door een explosie tijdens een drukbezocht eindfeest in Leiden. De verdachte werd ervan beschuldigd opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen door vuurwerk te gooien richting het slachtoffer. In eerste aanleg werd de verdachte vrijgesproken van het primair ten laste gelegde en veroordeeld voor het subsidiair ten laste gelegde.
In hoger beroep heeft het hof het vonnis vernietigd en opnieuw recht gedaan. Het hof oordeelde dat het bewijs onvoldoende was om te concluderen dat de verdachte het vuurwerk heeft gegooid. Slechts één getuige verklaarde dit, maar deze verklaring vond geen overtuigende steun in andere bewijsmiddelen. Andere getuigen en het procesdossier wezen in een andere richting.
De verdachte werd daarom vrijgesproken van zowel het primair als het subsidiair ten laste gelegde. De vordering van de benadeelde partij tot schadevergoeding werd niet-ontvankelijk verklaard omdat de verdachte werd vrijgesproken. Er werd geen kostenveroordeling opgelegd omdat de verdachte geen kosten had gemaakt ter verdediging tegen de schadevordering.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs dat hij vuurwerk gooide en daardoor zwaar lichamelijk letsel toebracht.