ECLI:NL:GHSGR:2012:BZ0320
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen naheffingsaanslag loonbelasting wegens privékilometers auto
Belanghebbende, directeur-grootaandeelhouder van een BV, kreeg een naheffingsaanslag loonbelasting opgelegd wegens vermeend privégebruik van een ter beschikking gestelde auto boven de 500 kilometer in 2009. Hij had een verklaring geen privégebruik auto, maar de inspecteur corrigeerde zijn rittenadministratie en stelde dat meer dan 500 privékilometers waren gereden.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, oordelend dat bepaalde ritten een privékarakter hadden. Belanghebbende ging in hoger beroep en stelde dat de inspecteur niet bevoegd was en dat hij minder dan 500 privékilometers had gereden.
Het hof oordeelde dat de inspecteur wel bevoegd was op grond van landelijke bevoegdheid volgens artikel 3 AWR Pro. Het hof kwalificeerde de ritten naar en van het vakantieadres in verband met een zakelijke afspraak als zakelijke kilometers, en stelde het totaal aantal privékilometers vast op minder dan 500. Daarom werd de naheffingsaanslag vernietigd.
Verder wees het hof het verzoek tot vergoeding van werkelijke proceskosten af wegens onvoldoende onderbouwing, maar veroordeelde de inspecteur in een forfaitaire proceskostenvergoeding en vergoedde het griffierecht aan belanghebbende.
De uitspraak is op 28 november 2012 in het openbaar uitgesproken door het hof te ’s-Gravenhage.
Uitkomst: De naheffingsaanslag loonbelasting en heffingsrente worden vernietigd en de Inspecteur wordt veroordeeld in proceskosten en griffierecht.