ECLI:NL:GHSGR:2012:BZ0355
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging WOZ-waarde benedenhoekwoning ondanks nabijheid kerk en bezwaar belanghebbende
Belanghebbende betwistte de vastgestelde WOZ-waarden van haar benedenhoekwoning voor de jaren 2009 en 2010, met peildata 1 januari 2008 en 1 januari 2009, en stelde dat de waarde te hoog was vastgesteld. Zij voerde aan dat de nabijheid van een kerk een waardeverminderend effect heeft en dat vergelijkbare woningen lager zijn gewaardeerd. De Inspecteur handhaafde de waardebeschikkingen en overlegde taxatierapporten met vergelijkingsobjecten.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, stellende dat de waarde is vastgesteld volgens de vergelijkingsmethode waarbij rekening is gehouden met verschillen in grootte, ligging en onderhoud. De aanwezigheid van de kerk werd niet als waardeverminderend gezien omdat omliggende woningen vergelijkbare hinder ondervinden. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalde omdat een lagere waardering van een andere woning abusievelijk was vastgesteld en geen begunstigend beleid weerspiegelde.
In hoger beroep bevestigde het Hof het oordeel van de rechtbank. Het Hof vond dat de Inspecteur aannemelijk had gemaakt dat de waardebepaling niet te hoog was en dat belanghebbende onvoldoende feiten had aangevoerd om het tegendeel te bewijzen. Het waardebericht van belanghebbende en indexcijfers werden onvoldoende geacht. Het beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de vastgestelde WOZ-waarden worden bevestigd.