ECLI:NL:GHSGR:2012:BZ5993
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Van Dijk
- Husson
- Van de Poll
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen echtscheiding geweigerd wegens onmogelijkheid tot intrekken verzoek
In deze zaak heeft de vrouw hoger beroep ingesteld tegen de beschikking van de rechtbank die de echtscheiding tussen haar en de man op hun gezamenlijk verzoek heeft uitgesproken. De vrouw verzocht het hof om de echtscheiding pas uit te spreken nadat de financiële afwikkeling, waaronder de zekerstelling van pensioenrechten en woonruimte, volledig was geregeld.
De vrouw vreesde dat zij en de minderjarige kinderen zes maanden na inschrijving van de echtscheiding in het register van de burgerlijke stand de echtelijke woning zouden moeten verlaten zonder zekerheid op passende vervangende woonruimte. Tevens was er bezorgdheid over het veiligstellen van haar pensioenaanspraken en het mogelijke verkooprisico van de woning zonder haar toestemming.
Het hof overwoog dat het hoger beroep niet is bedoeld om een reeds toegewezen echtscheidingsverzoek ongedaan te maken, zoals bevestigd in de jurisprudentie van de Hoge Raad (4 juni 1999, R98/005). Daarom werd het hoger beroep van de vrouw verworpen voor zover het de echtscheiding betrof.
De zaak wordt voortgezet voor verdere behandeling van andere aspecten, waarbij partijen zullen worden opgeroepen voor een mondelinge behandeling op een nader te bepalen tijdstip. De beslissing over de kosten van het hoger beroep blijft aangehouden.
Uitkomst: Het hoger beroep van de vrouw tegen de echtscheiding wordt verworpen.