ECLI:NL:GHSGR:2012:BZ6677
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Van Leuven
- Van Kempen
- Van Wijk
- Rechtspraak.nl
Tussenbeschikking gezag en omgang minderjarigen na echtscheiding met verwijzing naar Cardea
In deze zaak staat het gezag en de zorg- en omgangsregeling voor twee minderjarige kinderen centraal na de echtscheiding van hun ouders. De moeder is in hoger beroep gekomen tegen een beschikking van de rechtbank die het gezamenlijk gezag aan beide ouders toekent, waarbij de hoofdverblijfplaats bij de moeder is en een omgangsregeling bij de vader is vastgesteld.
Het hof constateert dat de ouders nog niet goed met elkaar kunnen communiceren en hun gedragingen als ouders niet op elkaar zijn afgestemd, wat het bereiken van een allesomvattende ouderschapsregeling bemoeilijkt. Daarom wordt besloten om de ouders onder begeleiding van Cardea Jeugdzorg een traject te laten doorlopen gericht op mediation en heroriëntatie op het ouderschap na echtscheiding.
Totdat dit traject is afgerond, stelt het hof een voorlopige omgangsregeling vast waarbij de vader de kinderen eenmaal per veertien dagen van vrijdagmiddag tot maandagochtend bij zich heeft, met ophalen en terugbrengen bij het kinderdagverblijf. Tevens wordt de uitvoerbaarheid bij voorraad van de eerdere beschikking geschorst. De verdere behandeling van de zaak wordt pro forma aangehouden tot 29 juni 2013, met het verzoek aan de raad voor de kinderbescherming om verslag uit te brengen over het verloop van het traject bij Cardea.
Uitkomst: Het hof stelt een voorlopige omgangsregeling vast en schorst de uitvoerbaarheid bij voorraad van de eerdere beschikking, met verwijzing naar mediation bij Cardea Jeugdzorg.