ECLI:NL:GHSHE:1998:AB0581
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- P.J. van Amersfoort
- Rechtspraak.nl
Beoordeling bevoegdheid bestuursrechter inzake rangschikking rechtspersoon Successiewet
Belanghebbende, Stichting X te Z, was door de Inspecteur geconfronteerd met een beschikking waarin werd besloten dat zij niet langer kon worden gerangschikt onder de rechtspersonen als bedoeld in artikel 24, vierde lid, van de Successiewet 1956. Tegen deze beschikking diende belanghebbende bezwaar in, maar de Inspecteur verklaarde dit bezwaar niet-ontvankelijk. Belanghebbende ging hiertegen in beroep bij het Gerechtshof 's-Hertogenbosch.
Tijdens de mondelinge behandeling op 8 mei 1998 werd vastgesteld dat de beschikking van de Inspecteur niet was gebaseerd op een wettelijk belastingvoorschrift. Hierdoor ontstond de vraag of het gerechtshof als administratieve rechter wel bevoegd was om van het geschil kennis te nemen. Het hof concludeerde dat de beschikking niet vatbaar was voor bezwaar en beroep op grond van de Algemene wet inzake rijksbelastingen.
Gelet op artikel 6:15 van Pro de Algemene wet bestuursrecht werd het beroepschrift doorgezonden naar de rechtbank te A, bestuurssector. Het hof verklaarde zich onbevoegd en bepaalde dat het reeds betaalde griffierecht aan belanghebbende moest worden gerestitueerd. De uitspraak werd op 15 oktober 1998 in het openbaar gedaan door rechter P.J. van Amersfoort.
Uitkomst: Het hof verklaart zich onbevoegd en zendt het beroepschrift door naar de bestuursrechter, met restitutie van het griffierecht.