ECLI:NL:GHSHE:2000:AA6087
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- G.J. van Muijen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing aftrek verhuiskosten als buitengewone lasten in inkomstenbelasting 1996
Het gerechtshof te 's-Hertogenbosch heeft op 28 april 2000 uitspraak gedaan in het beroep van de heer S tegen de Inspecteur inzake de aanslag inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen 1996. Belanghebbende had bezwaar gemaakt tegen de afwijzing van de aftrek van verhuiskosten als buitengewone lasten.
De Hoge Raad heeft in een eerder arrest van 26 februari 1986 geoordeeld dat bij de vraag of sprake is van een uitgaaf tot voorziening in het levensonderhoud, de omstandigheden en vooruitzichten ten tijde van de verstrekking doorslaggevend zijn. In deze zaak was aannemelijk dat de verhuizing van Duitsland naar Nederland voor de dochter van belanghebbende een eerste levensbehoefte vormde.
Echter, op het moment dat belanghebbende het bedrag van de verhuisnota betaalde, was redelijkerwijs bekend dat zijn dochter daags daarna weer zou gaan werken met periodieke loonbetalingen. Daarom is de aftrek van de verhuisnota als buitengewone lasten niet toegestaan. Het hof bevestigt hiermee de bestreden uitspraak van de Inspecteur.
Ten aanzien van proceskosten is geen aanleiding voor een veroordeling, conform artikel 5a van de Wet administratieve rechtspraak belastingzaken.
Uitkomst: Het hof bevestigt de afwijzing van de aftrek van verhuiskosten als buitengewone lasten.