ECLI:NL:GHSHE:2000:AA9134
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rothuizen-Van Dijk
- Meulenbroek
- Begheyn
- Rechtspraak.nl
Bevestiging dat perceel op 17 februari 1997 afdoende was gesaneerd conform saneringsplan
In deze civiele zaak stond centraal of het perceel op 17 februari 1997 afdoende was gesaneerd conform het saneringsplan van 6 oktober 1995. Appellanten, een echtpaar, voerden aan dat de sanering onvoldoende was omdat na de sanering rode grit en rode asbest waren aangetroffen. Zij stelden dat vooral in de voegen van de verharding asbest was achtergebleven.
Het hof heeft getuigen gehoord van beide partijen, waaronder deskundigen die betrokken waren bij de sanering en rapporten van onderzoeken. De getuigen van de gemeente verklaarden dat de sanering volledig en adequaat was uitgevoerd, ook al was er afgeweken van de voorgeschreven methode in het saneringsplan. De verklaringen van de getuigen van appellanten waren minder overtuigend, mede omdat een van hen niet goed asbest van grit kon onderscheiden.
Het hof concludeerde dat appellant niet geslaagd was in het leveren van het bewijs dat de sanering op de opleveringsdatum onvoldoende was. De foto's die appellant overlegde waren niet relevant omdat niet vaststond dat deze de situatie op de opleveringsdatum weergaven. Ook zag het hof geen aanleiding voor een plaatsopneming.
Het hof bekrachtigde het vonnis van de rechtbank Breda en veroordeelde appellant in de kosten van het geding in principaal appel. De gemeente werd veroordeeld in de kosten van het incidenteel appel. De onteigeningsprocedure die inmiddels was gestart, bleef buiten beschouwing in deze procedure.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en oordeelt dat het perceel op 17 februari 1997 afdoende was gesaneerd conform het saneringsplan.