ECLI:NL:GHSHE:2000:AB1032
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- P.J.M. Bongaarts
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van aanslag inkomstenbelasting en afwijzing beroep op gelijkheidsbeginsel woon-werkverkeerkosten
Belanghebbende, een werknemer in publieke dienst, maakte bezwaar tegen de aanslag inkomstenbelasting 1996 omdat hij de forfaitaire aftrek voor woon-werkverkeerkosten onvoldoende vond. Hij wilde aftrek van werkelijke kosten à ƒ 0,60 per kilometer in plaats van de forfaitaire regeling van ƒ 2.050,--. De Inspecteur handhaafde de aanslag met de forfaitaire aftrek.
Het geschil betrof de vraag of het gelijkheidsbeginsel vereist dat woon-werkverkeerkosten van werknemers gelijk worden behandeld als die van ondernemers, die wel een hogere aftrek per kilometer krijgen. Belanghebbende stelde dat de kosten van woon-werkverkeer 'bovenbronnelijk' zijn en dat het arrest van de Hoge Raad uit 1997 niet van toepassing is omdat de kosten niet tijdens het werk worden gemaakt.
Het Hof oordeelde dat de wetgever de kosten van woon-werkverkeer in beide gevallen als bronkosten aanmerkt en dat het woon-werkverkeer niet louter een privé-gebeuren is. Ook is er geen reden om onderscheid te maken tussen kosten gemaakt voor, tijdens of na het werk. Bovendien zijn de situaties van ondernemers en werknemers maatschappelijk en economisch onvoldoende vergelijkbaar.
Daarom faalt het beroep op het gelijkheidsbeginsel en wordt de aanslag bevestigd. Het Hof veroordeelde belanghebbende niet in de proceskosten. Tegen deze uitspraak staat beroep in cassatie open.
Uitkomst: Het Hof bevestigt de aanslag inkomstenbelasting en wijst het beroep van belanghebbende af.