ECLI:NL:GHSHE:2001:AA9905
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vaststelling van de waarde van een onroerende zaak bij toepassing van de vergelijkingsmethode
Belanghebbende betwist de door de ambtenaar vastgestelde waarde van zijn woning per 1 januari 1995, die was vastgesteld op ƒ 198.000,--. Hij stelt dat de waarde lager is, namelijk ƒ 130.000,--, omdat zijn woning verhoudingsgewijs meer nutteloze inhoud heeft en minder luxe is afgewerkt dan de vergelijkingsobjecten die de ambtenaar gebruikte.
Het hof stelt vast dat belanghebbende terecht wijst op het feit dat delen van de woning, zoals het schuin lopende pannendak en de kleine zolderruimte, minder bruikbaar zijn dan bij de vergelijkingsobjecten. Ook de minder luxe afwerking, zoals een vlizotrap in plaats van een vaste trap en een kleinere badkamer, wordt door de ambtenaar niet bestreden.
De ambtenaar verdedigt de waardebepaling op basis van bruto-inhoud zonder correcties voor bruikbaarheid of luxe, omdat dit in de praktijk ondoenlijk zou zijn. Het hof oordeelt echter dat dergelijke correcties wel behoren te worden meegenomen bij de waardering.
Het hof schat de waardevermindering door minder bruikbare inhoud op ƒ 8.000,--, trekt ƒ 3.000,-- af voor de dakkapel die in de vergelijkingsobjecten ontbreekt en schat de waardevermindering door minder luxe op ƒ 7.000,--. Hierdoor wordt de waarde vastgesteld op ƒ 180.000,--. De eerdere beschikking wordt vernietigd en de ambtenaar wordt veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: De waarde van de onroerende zaak wordt vastgesteld op ƒ 180.000,-- en de eerdere beschikking vernietigd.