ECLI:NL:GHSHE:2001:AB0835
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Huurman-van Asten
- Harmsen
- Ficq
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens ontbreken wettig bewijs mishandeling en benadeling gezondheid dochter
Het gerechtshof 's-Hertogenbosch behandelde het hoger beroep tegen een vonnis van de rechtbank in een zaak waarin verdachte werd beschuldigd van het jarenlang opzettelijk aantasten van de mentale en fysieke integriteit van zijn dochter. De tenlastelegging betrof onder meer het toebrengen van zwaar lichamelijk letsel door middel van psychische mishandeling en benadeling van de gezondheid.
Het hof onderzocht de vraag of de psychische aandoeningen en lichamelijke klachten van de dochter als zwaar lichamelijk letsel konden worden aangemerkt. Gelet op de wet en jurisprudentie concludeerde het hof dat deze klachten niet voldeden aan de wettelijke definitie van zwaar lichamelijk letsel en dat mishandeling zich beperkt tot het toebrengen van fysiek leed of letsel.
Daarnaast oordeelde het hof dat de feiten die voor 16 februari 1987 respectievelijk 16 februari 1993 waren gepleegd, verjaard waren, waardoor het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk was in die strafvervolging. Voor de overige feiten was onvoldoende wettig en overtuigend bewijs aanwezig om verdachte te veroordelen.
Het hof sprak verdachte daarom vrij van alle ten laste gelegde feiten en vernietigde het vonnis van de rechtbank. De beslissing werd genomen na een uitgebreide beoordeling van medische verklaringen, getuigenverklaringen en de wetsgeschiedenis omtrent mishandeling en benadeling van de gezondheid.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende wettig bewijs en niet-ontvankelijkheid OM voor verjaarde feiten.