ECLI:NL:GHSHE:2001:AB1951
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Feith
- De Kok
- De Groot-van Dijken
- Rechtspraak.nl
Verzoek tot afwijzing dwangbevel wegens niet-naleving zwemwatercontrole bij dagstrand
In deze zaak staat centraal de vraag of de houder van het dagstrand [het dagstrand] te [plaatsnaam] heeft voldaan aan de verplichtingen uit de Wet hygiëne en veiligheid zwemgelegenheden (Whvz) en het Besluit hygiëne en veiligheid zwemgelegenheden (Bhvz) met betrekking tot de dagelijkse controle van zwemwater.
De rechtbank had eerder geoordeeld dat de houder niet aan de registratieverplichting had voldaan en het dwangbevel terecht was gegeven, maar verklaarde het verzet gegrond omdat het bewijs van openstelling ontbrak. Het hof stelt dat het zwemseizoen loopt van 1 april tot 31 oktober en dat de zwemgelegenheid gedurende deze periode als dagelijks opengesteld moet worden beschouwd, ongeacht feitelijke aanwezigheid van zwemmers.
Het hof benadrukt dat de dagelijkse controle en registratie van het zwemwater noodzakelijk is om de gezondheid van het publiek te waarborgen en dat deze verplichting niet mag worden beperkt tot dagen waarop zwemmers aanwezig zijn. Het verzet van de houder wordt afgewezen, het dwangbevel blijft in stand en de houder wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het hof wijst het verzet tegen het dwangbevel af en veroordeelt de houder van het dagstrand in de proceskosten.