ECLI:NL:GHSHE:2001:AB1954
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Bod
- Huijbers-Koopman
- Kranenburg
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over variabele vergoeding dienstverleningsovereenkomst in automatiseringsbranche
De zaak betreft een geschil tussen twee besloten vennootschappen over de betaling van een variabel deel van een dagvergoeding uit hoofde van een dienstverleningsovereenkomst. De geïntimeerde voerde adviserende diensten uit voor de appellante in Noord-Nederland, gericht op acquisitie en het realiseren van business development doelstellingen. Hoewel een variabel deel van de vergoeding afhankelijk was gesteld van kwantificeerbare doelstellingen, zijn deze doelstellingen nooit vastgesteld.
De rechtbank kende de helft van de gevorderde variabele vergoeding toe, maar het hof oordeelt dat zonder concrete doelstellingen en zonder voldoende bewijs van het behalen van resultaten, de vordering niet toewijsbaar is. De geïntimeerde stelde dat zij ten minste één 'lead' had gerealiseerd, maar dit was onvoldoende om recht te geven op betaling.
Het hof overweegt dat de appellante niet in strijd met redelijkheid en billijkheid handelt door de variabele vergoeding te weigeren. Ook het betoog dat de overeenkomst als arbeidsovereenkomst moet worden aangemerkt, leidt niet tot een ander oordeel. Het hof vernietigt het vonnis en wijst de vordering af, veroordeelt de geïntimeerde tot terugbetaling van reeds betaalde bedragen en veroordeelt haar in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot betaling van de variabele vergoeding wordt afgewezen en reeds betaalde bedragen worden teruggevorderd.