ECLI:NL:GHSHE:2001:AB2332
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep kort geding
- Rothuizen-Van Dijk
- Van Schaik-Veltman
- Meulenbroek
- Rechtspraak.nl
Beoordeling tekortkoming en toerekenbaarheid bij niet verzinken van frames in civiele overeenkomst
In deze civiele procedure staat centraal of appellante, Nordland Engineering BV, tekort is geschoten door de frames niet thermisch te verzinken zoals overeengekomen met geïntimeerde, Machinefabriek P. van der Wegen en Zn. B.V. Het hof benoemde drie deskundigen die onderzochten of het technisch en feitelijk mogelijk was de frames medio 1997 thermisch te verzinken.
De deskundigen concludeerden dat technisch gezien het thermisch verzinken mogelijk was, mits de verzinkerij vroegtijdig bij het ontwerp werd betrokken. Appellante was kennelijk niet volledig op de hoogte van de risico's en had zich eerder moeten laten adviseren. Het hof oordeelde dat appellante onvoldoende concreet bewijs leverde dat het feitelijk onmogelijk was de frames te laten verzinken.
Appellante beriep zich op een wijzigingsbeding in de toepasselijke voorwaarden, maar dit werd door het hof verworpen omdat de onmogelijkheid niet was aangetoond. Ook andere grieven, waaronder het argument dat de frames in onverzinkte staat nog waarde hadden en alternatieve behandelingen zoals 'schooperen', werden afgewezen. Het hof bekrachtigde het vonnis van de rechtbank Breda en veroordeelde appellante in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en wijst het beroep van appellante af wegens onvoldoende bewijs van onmogelijkheid thermisch verzinken.