ECLI:NL:GHSHE:2001:AE9785
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Van Teeffelen
- Luijten-Meijer
- Bark-van Gink
- Rechtspraak.nl
Hof stelt schuldsaneringstermijn vast op 20 maanden na faillissement
In deze zaak betwist X het vonnis van de rechtbank Breda waarin de looptijd van de schuldsaneringsregeling werd vastgesteld op 28 maanden, te rekenen vanaf de uitspraak tot definitieve toepassing van de regeling.
X en zijn echtgenote verkeerden voorafgaand aan de schuldsanering zestien maanden in staat van faillissement. De bewindvoerder had voorgesteld de looptijd van de schuldsanering te verkorten met de duur van het faillissement, waardoor een termijn van 20 maanden zou gelden. De rechtbank volgde dit voorstel niet en stelde de termijn op 28 maanden.
X voerde aan dat hij en zijn echtgenote zich correct hadden gedragen, geen nieuwe schulden hadden gemaakt en dat de langdurige insolventie tot ernstige psychische problemen had geleid. Het hof oordeelde dat het beleid van de rechtbank Breda om de termijn op 28 maanden vast te stellen niet duidelijk was gemotiveerd en dat de wettelijke maximale termijn leidend is, waarbij de rechter de passende termijn moet bepalen.
Het hof vernietigde het vonnis voor zover het de termijn van 28 maanden betrof en stelde de schuldsaneringstermijn vast op 20 maanden, te rekenen vanaf het moment van definitieve toepassing van de regeling, derhalve tot 28 november 2001.
Uitkomst: Het hof stelde de schuldsaneringstermijn vast op 20 maanden vanaf de definitieve toepassing van de regeling.