ECLI:NL:GHSHE:2002:AE1468
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - meervoudig
- G.J. van Muijen
- J.W.J. Huige
- G.W.B. van Westen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging naheffingsaanslag loonbelasting en premie volksverzekeringen over 1994-1996
Belanghebbende, een tuinbouwmaatschap, kreeg een naheffingsaanslag opgelegd voor de periode van 16 augustus 1994 tot en met 31 december 1996 wegens niet ingehouden loonbelasting en premie volksverzekeringen over uitbetaalde lonen aan Poolse werknemers. Deze werknemers werkten tijdelijk bij het oogsten van prei en waren aangemeld bij de vreemdelingenpolitie.
Tijdens een boekenonderzoek in 1997 bleek dat er geen loonbelastingverklaringen en identiteitsbewijzen aanwezig waren en dat over de lonen geen inhoudingen waren gedaan. De Inspecteur berekende de verschuldigde loonheffing op basis van een gemiddeld weekloon per Poolse werknemer en gebruikte hierbij tariefgroep 2. Belanghebbende betwistte de aanslag, onder meer met een beroep op de in 1998 ingevoerde koppelingswet en het opportuniteitsbeginsel.
Het hof oordeelde dat de koppelingswet niet met terugwerkende kracht geldt en dat de berekeningsmethode van de Inspecteur correct was toegepast conform de wettelijke bepalingen. Het beroep van belanghebbende werd ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Het hof bevestigde de bestreden uitspraak en wees op de mogelijkheid tot cassatie bij de Hoge Raad.
Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt de naheffingsaanslag loonbelasting en premie volksverzekeringen en verklaart het beroep van belanghebbende ongegrond.