ECLI:NL:GHSHE:2002:AE1919
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Bod
- Huijbers-Koopman
- Smeenk-Van der Weijden
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof bevestigt vordering geldlening met boeterente en incassokosten
Appellante had een geldleningsovereenkomst gesloten met geïntimeerde waarbij F 50.000,- was uitgeleend met terugbetaling uiterlijk 1 september 1999, vermeerderd met boeterente van 1% per maand bij niet-tijdige betaling. Geïntimeerde betaalde slechts gedeeltelijk en te laat.
De rechtbank had de deelbetalingen onjuist in mindering gebracht op de hoofdsom en de boeterente verkeerd berekend. Het hof oordeelde dat eerst de opeisbare rente moest worden verrekend met de deelbetalingen en dat de boeterente vanaf 8 februari 2000 moest lopen.
Daarnaast matigde het hof de buitengerechtelijke incassokosten tot F 2.200,- omdat appellante geen bewijs leverde van hogere kosten. Het hof vernietigde het vonnis van de rechtbank en veroordeelde geïntimeerde tot betaling van € 21.810,49 plus de overeengekomen rente en incassokosten, met veroordeling in kosten van eerste aanleg en hoger beroep.
Uitkomst: Geïntimeerde wordt veroordeeld tot betaling van € 21.810,49 plus overeengekomen rente en gematigde incassokosten aan appellante.