ECLI:NL:GHSHE:2002:AF1997
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Bod
- Kranenburg
- Smeenk-Van der Weijden
- Rechtspraak.nl
Beoordeling onzorgvuldig handelen gemeente bij milieuvergunning en kostenveroordeling
In deze civiele zaak gaat het hoger beroep van appellant tegen de gemeente Breda over vermeend onzorgvuldig handelen bij de voorbereiding van een milieuvergunning en de vergoeding van kosten.
De rechtbank had vastgesteld dat de gemeente het besluit van 18 januari 1999 niet onrechtmatig had voorbereid, ondanks kritiek op de beoordeling van akoestische rapportages. Appellant stelde dat de gemeente onzorgvuldig had gehandeld door onvoldoende onderzoek te doen naar uitzonderingen op piekgeluidgrenswaarden, maar dit werd niet onderbouwd.
Ook de vorderingen tot vergoeding van kosten van rechtsbijstand in de bestuurlijke voorprocedure en overige schadevergoeding werden afgewezen, mede omdat appellant onvoldoende had toegelicht welke werkzaamheden de factuur van april 1999 betrof.
Het hof onderschrijft de overwegingen van de rechtbank en bekrachtigt het vonnis. Appellant wordt veroordeeld in de proceskosten van het hoger beroep, begroot op een bedrag van €1060,15.
De uitspraak bevestigt dat onvoldoende onderbouwde stellingen over onrechtmatig handelen en onduidelijke kostenvorderingen niet leiden tot toewijzing van schadevergoeding.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en wijst de vorderingen van appellant af, met veroordeling in de proceskosten.