ECLI:NL:GHSHE:2002:AF2806
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Van Etten
- Den Hartog Jager
- De Wolff
- Rechtspraak.nl
Beoordeling toepasselijkheid Huurwet bij gemengd gebruik woning en bordeel
Verhuurster verhuurde sinds 1988 een woning die deels als woonruimte en deels als bordeel werd gebruikt. Na ontbinding van de huurovereenkomst in 1993 werd de huur voortgezet met een hogere huurprijs. In 2001 zegde verhuurster de huur op wegens niet-betaling en onenigheid over de huurverhoging, met ontruiming per 1 augustus 2001.
Huurder verzocht de kantonrechter om niet-ontvankelijkverklaring wegens nietige opzegging en verlenging van de ontruimingstermijn. De kantonrechter oordeelde dat het gehuurde als bedrijfsruimte in de zin van art. 7A:1624 BW moest worden beschouwd en verklaarde huurder niet-ontvankelijk.
In hoger beroep stelde verhuurster dat het bordeel niet onder art. 7A:1624 BW valt maar onder de Huurwet. Het hof concludeerde dat het gehuurde in overwegende mate voor bedrijfsdoeleinden wordt gebruikt en dat de Huurwet van toepassing is. Het hof vernietigde de beschikking van de kantonrechter, verlengde de ontruimingstermijn met een jaar tot 1 oktober 2002 en stelde de gebruiksvergoeding op € 1.150,- per maand vast.
De proceskosten in hoger beroep werden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt. Het hof wees verder gevorderde zaken af.
Uitkomst: Het hof verklaart de Huurwet van toepassing, verlengt de ontruimingstermijn met een jaar en stelt een gebruiksvergoeding van € 1.150,- per maand vast.