ECLI:NL:GHSHE:2002:AF3457
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.W.J. Huige
- P. Fortuin
- T. Blokland
- Rechtspraak.nl
Belastingrechtelijke beoordeling pachtersvoordeel en aftrek successierechten bij beëindiging landbouwonderneming
Belanghebbende, een landbouwondernemer, beëindigde in 1995 zijn eenmanszaak waarbij de bedrijfsbestanddelen werden verkocht. De Inspecteur legde een aanslag inkomstenbelasting op waarbij het pachtersvoordeel van ƒ 476.000,- werd meegenomen in de stakingswinst en de betaalde successierechten van ƒ 413.592,- niet in aftrek werden gebracht. Belanghebbende betwistte deze behandeling.
Het hof stelde vast dat de pacht van de landbouwgrond zakelijk was en dat het pachtersvoordeel als winst uit onderneming moet worden beschouwd bij staking van de onderneming. De verkrijging van de landbouwgrond via legaat en de daarbij betaalde successierechten behoren tot de persoonlijke sfeer van belanghebbende en zijn niet aftrekbaar als bedrijfslast.
Verder werd vastgesteld dat de boekwaarde van de landbouwgrond correct moest worden aangepast naar de waarde in verpachte staat van ƒ 724.000,-, wat geen effect had op het belastbaar inkomen vanwege de landbouwvrijstelling. Partijen kwamen ter zitting overeen dat de aanslag verminderd moest worden tot een belastbaar inkomen van ƒ 102.237,-.
Het hof verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de bestreden uitspraak en legde de aanslag dienovereenkomstig vast. Tevens werd het door belanghebbende betaalde griffierecht vergoed en de Inspecteur veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De aanslag wordt verminderd tot een belastbaar inkomen van ƒ 102.237,- met vergoeding van griffierecht en proceskosten aan belanghebbende.