ECLI:NL:GHSHE:2002:AF4540
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rothuizen-Van Dijk
- Sterk
- Hartlief
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake vervaltermijn en onrechtmatige daad bij aandelenkoop
In deze civiele zaak stond de vraag centraal of Muhargi terecht aanspraak kon maken op nakoming van garanties uit een aandelenkoopovereenkomst en/of op grond van onrechtmatige daad schadevergoeding kon vorderen van [appellant] c.s. Het geschil betrof onder meer de toepasselijkheid van de vervaltermijn uit artikel 7:23 BW Pro en de cessie van garanties.
De feiten betroffen de verkoop van aandelen in Hokar door [appellant] c.s. aan Rogier, die deze aandelen vervolgens aan Muhargi verkocht. Na een schadeclaim van Novamij B.V. jegens Hokar ontstond discussie over de aansprakelijkheid van [appellant] c.s. wegens schending van garanties. Muhargi stelde dat zij pas in 1997 op de hoogte was van de claim, terwijl [appellant] c.s. betoogde dat Muhargi al in 1994 kennis had en niet tijdig melding had gemaakt.
Het hof oordeelde dat Muhargi kort na 12 september 1994 op de hoogte was van de schending van de garantie en dat zij niet binnen de vereiste termijn een kennisgeving heeft gedaan, waardoor haar vordering is vervallen. Daarnaast faalde het beroep op onrechtmatige daad wegens onvoldoende onderbouwing van schade door handelen van [appellant] c.s. jegens Muhargi. Het hof vernietigde het vonnis van de rechtbank, wees de vorderingen van Muhargi af en veroordeelde haar tot terugbetaling van reeds betaalde bedragen met rente.
Uitkomst: Het hof wijst de vorderingen van Muhargi af wegens niet tijdige kennisgeving en onvoldoende onderbouwing van onrechtmatige daad.