ECLI:NL:GHSHE:2003:AF6647
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van bezwaar tegen kosten van dwangbevel in loonbelastingzaak
De belanghebbende werd geconfronteerd met een naheffingsaanslag loonbelasting over het derde kwartaal van 1993 en kreeg daarop een dwangbevel met kosten van vervolging van fl. 170,- opgelegd. Hij stelde bezwaar tegen deze kosten, maar de ontvanger verklaarde dat geen bezwaarschrift was ontvangen en wees het bezwaar af. De belanghebbende voerde aan dat hij het bezwaarschrift wel had ingediend, maar geen ontvangstbevestiging had.
Tijdens de zitting bij het hof werd vastgesteld dat het bezwaar vermoedelijk te laat was ingediend, mede gelet op jurisprudentie van de Hoge Raad. De ontvanger had de belanghebbende niet-ontvankelijk verklaard in het bezwaar, wat door het hof werd bevestigd. Het hof oordeelde dat er geen feiten of omstandigheden waren die het verzuim van de belanghebbende konden rechtvaardigen.
Het beroep tegen het niet tijdig doen van uitspraak op het bezwaar werd ongegrond verklaard. De belanghebbende werd niet in de proceskosten veroordeeld omdat het beroep ongegrond was. Tegen deze uitspraak kan beroep in cassatie worden ingesteld bij de Hoge Raad.
Uitkomst: Het beroep van de belanghebbende tegen de kosten van het dwangbevel wordt ongegrond verklaard.