ECLI:NL:GHSHE:2003:AF7980
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring in belastingzaak over bezwaarschrifttermijn
De belanghebbende stelde beroep in tegen belastingaanslagen over de jaren 1998 en 1999. Het Hof had het beroep eerder niet-ontvankelijk verklaard omdat het beroepschrift niet de vereiste gronden bevatte. De belanghebbende kwam hiertegen in verzet en stelde dat de gronden wel tijdig waren aangevoerd.
Het Hof oordeelde dat de gronden inderdaad binnen de gestelde termijn waren ingediend, waardoor het beroep ontvankelijk moest worden verklaard. Echter, het bezwaarschrift zelf was niet tijdig ingediend, aangezien het pas op 29 januari 2002 bij de Inspecteur binnenkwam, terwijl de termijn zes weken na de aanslagdatum van 12 oktober 2001 was verstreken.
Omdat geen omstandigheden waren gesteld die het verzuim konden rechtvaardigen, was de niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar terecht. Het verzet werd daarom gegrond verklaard, het eerdere vonnis vernietigd, en het beroep alsnog kennelijk ongegrond verklaard. Proceskosten werden niet toegewezen.
Uitkomst: Het beroep wordt kennelijk ongegrond verklaard vanwege het niet tijdig indienen van het bezwaarschrift.