ECLI:NL:GHSHE:2003:AO1232
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- P.J.M. Bongaarts
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens ontbreken geldige machtiging bij belastingaanslag
Belanghebbende is tegen een aanslag inkomstenbelasting 1999 in beroep gekomen via zijn vertegenwoordiger, de heer A. Het hof stelde vast dat de door de heer A overgelegde schriftelijke machtigingen niet voldeden aan de wettelijke eisen, met name omdat de handtekeningen op de volmachten vermoedelijk niet authentiek waren.
Tijdens de zitting kon de heer A niet verklaren wie de handtekeningen had gezet en weigerde medewerking aan het herstel van de gebreken. Het hof oordeelde dat zonder een geldige machtiging het beroep niet ontvankelijk is en dat het materiële geschil niet inhoudelijk kon worden beoordeeld.
Het griffierecht dat door de indiener was betaald, werd teruggegeven. Het hof wees erop dat belanghebbende zelf verantwoordelijk is voor de keuze van zijn vertegenwoordiger en de gevolgen daarvan. Tegen deze uitspraak staat beroep in cassatie open bij de Hoge Raad.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een geldige machtiging ten tijde van het instellen van het beroep.