ECLI:NL:GHSHE:2003:AR4680
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rothuizen-Van Dijk
- Keizer
- Hartlief
- Rechtspraak.nl
Geschil over totstandkoming koopovereenkomst tankstation en onrechtmatig afbreken onderhandelingen
In deze zaak staat centraal of tussen appellant en geïntimeerde op 15 juni 1999 een koopovereenkomst tot stand is gekomen betreffende de overname van een tankstation. Appellant stelt dat de onderhandelingen zodanig vergevorderd waren dat geïntimeerde onrechtmatig de onderhandelingen heeft afgebroken met een beroep op financieringsonmacht.
Geïntimeerde betwist het bestaan van een overeenkomst en stelt dat een financieringsvoorbehoud van meet af aan onderdeel was van de onderhandelingen, waardoor het afbreken van de onderhandelingen niet onrechtmatig was. Het hof stelt dat partijen gehouden zijn rekening te houden met elkaars gerechtvaardigde verwachtingen, maar dat het afbreken van onderhandelingen in beginsel is toegestaan tenzij dit onaanvaardbaar is.
Het hof acht het bewijs voor het bestaan van de koopovereenkomst onvoldoende en draagt appellant op nader bewijs te leveren, onder meer via getuigen. Tevens wordt appellant in de gelegenheid gesteld te bewijzen dat de onderhandelingen zo vergevorderd waren dat het afbreken door geïntimeerde onrechtmatig was. De zaak wordt aangehouden voor de bewijslevering en verdere beoordeling.
Uitkomst: Het hof draagt appellant op nader bewijs te leveren over het bestaan van de koopovereenkomst en de rechtmatigheid van het afbreken van de onderhandelingen, en houdt verdere beslissing aan.