ECLI:NL:GHSHE:2004:AO2510
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Van Griensven
- Van Zinnen
- Van der Linden
- Rechtspraak.nl
Toepassing Spaans naamrecht voor kind met dubbele nationaliteit in Nederland
De man en vrouw, beiden Spaans staatsburger en woonachtig in Nederland, zijn gehuwd en hebben een kind met dubbele Nederlandse en Spaanse nationaliteit. Bij de geboorteaangifte werd het Nederlandse naamrecht toegepast, waardoor het kind de achternaam van de vader kreeg. De ouders verzochten om toepassing van het Spaanse naamrecht, dat een dubbele achternaam voorschrijft, conform hun wens om de Spaanse identiteit van het gezin te benadrukken.
De ambtenaar van de burgerlijke stand weigerde dit en beriep zich op de Rijkswet op het Nederlanderschap en de Wet Conflictenrecht Namen, die het Nederlandse naamrecht voorschrijven bij dubbele nationaliteit. De rechtbank wees het verzoek echter toe, waarna de ambtenaar in hoger beroep ging. Het hof verwees naar het arrest van het Europese Hof van Justitie van 2 oktober 2003, waarin werd geoordeeld dat het weigeren van een naamswijziging in dergelijke omstandigheden in strijd is met het EU-recht.
Het hof oordeelde dat het verzoek van de ouders om de Spaanse dubbele achternaam toe te passen gegrond is en bekrachtigde de beschikking van de rechtbank. De proceskosten in hoger beroep werden gecompenseerd, ieder draagt zijn eigen kosten. Hiermee wordt recht gedaan aan de culturele identiteit van het gezin en de rechten van het kind onder het EVRM en EU-recht.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het verzoek om de Spaanse dubbele achternaam toe te passen voor het kind met dubbele nationaliteit.