ECLI:NL:GHSHE:2004:AO4903
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep kort geding
- Kranenburg
- Meulenbroek
- Galle
- Rechtspraak.nl
Opheffing conservatoir beslag op appartement wegens niet-ingeschreven beslag bij eigendomsoverdracht
In deze zaak vordert appellante de opheffing van het conservatoir beslag op een appartement dat zij op 13 november 2002 heeft gekocht. Het beslag was gelegd door geïntimeerde in verband met een vordering op voormalig echtgenoot van geïntimeerde. Door een fout van het Kadaster was het beslag van 25 juli 2001 tot 3 december 2002 niet ingeschreven in het register.
Appellante stelt dat het beslag haar niet kan worden tegengeworpen op grond van artikel 3:24 BW Pro, omdat het niet in het register stond bij de eigendomsoverdracht. Geïntimeerde betoogt dat appellante te kwader trouw was en dat er sprake was van een samenspanning met voormalig echtgenoot en bestuurder van appellante om geïntimeerde uit het appartement te verdrijven.
Het hof oordeelt dat geïntimeerde onvoldoende concrete feiten heeft gesteld om kwade trouw van appellante aan te tonen. De verklaringen van appellante en haar bestuurder zijn aannemelijk en wijzen niet op gezamenlijke opzet. Het hof vernietigt het vonnis van eerste aanleg, wijst de vordering van appellante toe en veroordeelt geïntimeerde in de proceskosten.
Uitkomst: Het hof heft het conservatoir beslag op het appartement op omdat het beslag niet in het register stond en appellante te goeder trouw was.