ECLI:NL:GHSHE:2004:AO8204
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Van Etten
- Drijkoningen
- Den Hartog Jager
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over verwarringsgevaar en verjaring handelsnaamgeschil tussen bouwondernemingen
In deze civiele zaak staat de vraag centraal of Van Wijnen in strijd handelt met artikel 5 van Pro de Handelsnaamwet door een handelsnaam te voeren die slechts in geringe mate afwijkt van die van Wijnen Someren, waardoor verwarring bij het publiek te duchten is. De kantonrechter had het verzoek van Wijnen Someren om Van Wijnen te veroordelen tot naamswijziging toegewezen.
Het hof bevestigt dat er verwarringsgevaar bestaat vanwege de geringe afwijking in de namen en de gelijke aard en overlappende werkgebieden van de ondernemingen. Het begrip 'publiek' wordt breed geïnterpreteerd, inclusief niet-deskundigen in de bouwwereld. Er is ook bewijs van daadwerkelijke verwarring sinds 2002.
Echter, het hof stelt vast dat het verwarringsgevaar al meer dan twintig jaar bestaat, wat betekent dat het vorderingsrecht van Wijnen Someren is verjaard op grond van de artikelen 3:306 en 3:314 BW. Van Wijnen heeft bovendien een landelijke bekendheid en een omvangrijk bouwvolume, en ook Wijnen Someren heeft een aanzienlijke groei doorgemaakt. Gezien deze feiten vernietigt het hof het vonnis van de kantonrechter en wijst het het verzoek van Wijnen Someren af, met veroordeling in proceskosten.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek van Wijnen Someren af wegens verjaring van het vorderingsrecht.