ECLI:NL:GHSHE:2004:AP0466
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Feith
- De Groot-van Dijken
- Heidinga
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering naheffing BTW oesterzwamsubstraat wegens ontbreken rechtsgrond
In deze zaak vordert CNC van appellant betaling van een naheffing BTW over geleverde oesterzwamsubstraat, omdat het lage BTW-tarief per 1 januari 2000 verviel en het hoge tarief van toepassing werd. Appellant had de facturen met BTW betaald en betwistte de vordering. De kantonrechter wees de vordering toe, maar het hof vernietigt dit oordeel.
Het hof stelt vast dat appellant volledig heeft voldaan aan haar verplichtingen uit de koopovereenkomst door betaling van de facturen inclusief BTW. CNC kon zich niet beroepen op dwaling omdat zij op de hoogte was van de wijziging in de BTW-regeling en het risico droeg om het lage tarief te blijven hanteren zonder haar afnemers te waarschuwen. Het hof oordeelt dat de civielrechtelijke verhouding tussen partijen niet vereist dat appellant de naheffing betaalt.
De eerdere vonnissen worden vernietigd, de vordering van CNC wordt afgewezen en CNC wordt veroordeeld in de proceskosten van beide instanties. Het arrest is uitgesproken door het hof 's-Hertogenbosch op 4 mei 2004.
Uitkomst: De vordering van CNC tot betaling van naheffing BTW wordt afgewezen wegens ontbreken van een rechtsgrond.