ECLI:NL:GHSHE:2004:AP0959
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Eijsenga
- Bark - van Gink
- Mooy
- Rechtspraak.nl
Veroordeling medeplegen opzettelijk brandstichten met levensgevaar en gemeen gevaar voor goederen
Op 5 september 2002 stichtten verdachte en een mededader opzettelijk brand in een flatwoning te 's-Hertogenbosch door een gordijn en een doek of kledingstuk in brand te steken en deze op of naast een bed te gooien. Hierdoor ontstond levensgevaar voor de bewoners van de flat en omliggende woningen, mede doordat drie bewoners alleen via een ladderwagen van de brandweer konden worden gered vanwege hevige rookontwikkeling.
De rechtbank veroordeelde verdachte tot 4 jaar en 6 maanden gevangenisstraf, maar het hof vernietigde dit vonnis en kwam tot een andere bewezenverklaring. Het hof achtte wettig en overtuigend bewezen dat verdachte medepleegde bij het brandstichten met levensgevaar en gemeen gevaar voor goederen, maar sprak hem vrij van overige tenlasteleggingen.
Het hof legde een gevangenisstraf van vijf jaar op, mede vanwege de ernst van het feit, het tijdstip van de brand in de nachtelijke uren en het ontbreken van enige poging van verdachte om de gevolgen te beperken. Daarnaast werd verdachte veroordeeld tot betaling van een schadevergoeding van 498,59 euro aan de benadeelde partij, met een vervangende hechtenis van negen dagen bij niet-betaling. De vordering van de benadeelde partij tot een hoger bedrag werd afgewezen wegens onvoldoende eenvoud voor behandeling in het strafgeding.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot vijf jaar gevangenisstraf en betaling van schadevergoeding wegens medeplegen van opzettelijk brandstichten met levensgevaar en gemeen gevaar voor goederen.