ECLI:NL:GHSHE:2004:AP3703
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Claassens
- Rothuizen-van Dijk
- Wabeke
- Rechtspraak.nl
Vaststelling wederrechtelijk verkregen voordeel bij hennepteelt en -bezit
De veroordeelde werd door de politierechter veroordeeld voor het opzettelijk telen van 230 hennepplanten en het bezit van 85 gram hennep in de gemeente Heythuysen op 20 februari 2003. In hoger beroep werd onderzocht of en in welke mate de veroordeelde wederrechtelijk voordeel had verkregen uit deze feiten, conform artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht.
Het hof baseerde de schatting van het wederrechtelijk verkregen voordeel op een gemiddelde opbrengst per hennepplant van 13,5 gram, rekening houdend met een mislukte oogst en professionele teelt op steenwol. De verkoopprijs werd vastgesteld op €2,25 per gram. Van de opbrengst werden kosten voor stekjes, voeding, elektriciteit en afschrijving van investeringen afgetrokken.
Uiteindelijk schatte het hof het netto wederrechtelijk verkregen voordeel op €4.481,88. Gezien de omvang van dit bedrag en de verdiencapaciteit van de veroordeelde zag het hof geen reden tot matiging van de betalingsverplichting. Het arrest vernietigde het eerdere vonnis en legde de veroordeelde de verplichting op tot betaling van dit bedrag aan de Staat.
Uitkomst: Het hof stelde het wederrechtelijk verkregen voordeel vast op €4.481,88 en legde de betalingsverplichting op aan de veroordeelde.