ECLI:NL:GHSHE:2004:AQ5452
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Eijsenga
- Bark - van Gink
- Nieuwenhuijsen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging veroordeling medeplegen poging tot moord met TBS en gevangenisstraf
Het gerechtshof 's-Hertogenbosch heeft op 20 juli 2004 het vonnis van de rechtbank te 's-Hertogenbosch van 28 oktober 2003 bevestigd. Verdachte was primair veroordeeld voor medeplegen van poging tot moord tot een gevangenisstraf van vijf jaar en terbeschikkingstelling (TBS) met dwangverpleging voor de duur van twee jaar.
In hoger beroep heeft het hof het vonnis en de gronden daarvan onderschreven, met uitzondering van de bewijsvoering die het hof heeft aangevuld met de verklaring van de verdachte tijdens de terechtzitting in hoger beroep, conform de artikelen 365a en 365b van het Wetboek van Strafvordering. De verdediging heeft gepleit voor een zo snel mogelijke behandeling en betoogd dat een langdurige vrijheidsstraf niet wenselijk is.
Het hof heeft dit verweer verworpen en benadrukt dat het primaire doel van het volwassenenstrafrecht niet hulpverlening is, maar het geven van een passende reactie op het gepleegde delict. Het hof wijst op de richtlijn dat behandeling van terbeschikkinggestelden start na executie van een derde deel van de straf. De opgelegde straf is passend geacht en het hof acht geen aanleiding tot wijziging van het vonnis.
Uitkomst: Bevestiging van vijf jaar gevangenisstraf en TBS met dwangverpleging voor medeplegen poging tot moord.